Groot geworden met turf

August 11, 2016

 

De handel van de Rusluie en de textielfabriek Jansen & Tilanus hebben in de geschiedenis van Vriezenveen een grote rol gespeeld. Maar de turf was voor Vriezenveen en omgeving ook erg belangrijk.

Dat begon al in  1364 toen  een aantal kolonisten van de graaf van Almelo toestemming kregen de venen ten noorden van Almelo te ontginnen. Waar ontgonnen was ontstond lagergelegen bouwgrond en de ontginning ging verder naar het Noorden. De afstand tot de ontginningsgebieden werd steeds groter en de percelen door opslitsing bij erven steeds smaller. Uiteindelijk , midden jaren 50 van de vorige eeuw, resulterend in de ruilverkaveling, een ander belangrijk element in de geschiedenis van Vriezenveen.

 

Burgemeester Bouwmeester van Vriezenveen heeft rond 1900 een belangrijke impuls gegeven aan de vervening door de aanleg van het veenkanaal, waardoor de turf snel afgevoerd kon worden. Aan het kanaal werden een vijftal fabrieken gebouwd, waarvan Minke, Trio en Terwindt & Arntzveen de grootsten waren. In 1918 voeren 5.714 schepen door het kanaal die gezamenlijk voor 144.239 ton aan turf vervoerden.

Het ontvenen gebeurde grotendeels met de hand. Met de “sticker” werd het veen in banen gesneden waarna met de “oplegger” telkens een stuk van circa 30 cm werd vrijgemaakt. Deze “briquetten” werden gestapeld om te drogen, waarna ze via smalspoor naar de fabriek werden gebracht.

Op de foto staat het veenkanaal  in het centrum van Vriezenveensewijk Westerhaar, ter hoogte van de kruising met de hoofdweg. Het pand van Klinkhamer, de kledingzaak die dit jaar haar eeuwfeest viert is ook nog te zien. In hun dit jaar uitgebrachte jubileumboek is te lezen dat dit gebied vroeger “Vriezenveen, wijk A” heette. De brug is inmiddels verdwenen en het kanaal ter plekke is gedempt.

De klassieke functie van de turfen was brandstof, maar Trio en Terwindt begonnen al snel ook met turfstrooisel en later potgrond. Turfstrooisel werd gebruikt als alternatief voor stro in (paarden)stallen.  Potgrond, gemalen veen waaraan meststoffen zijn toegevoegd, werd en wordt veel gebruikt als grondverbeteraar bij tuinderijen. Het afzetgebied was het Westland, de tuindersgebieden rond Venlo en verder werd geexporteerd naar Italie, Engeland en Amerika. Toen het veen rond Vriezenveen, Westerhaar, Vroomshoop, en Sibculo, was afgegraven importeerde Terwindt het veen uit Duitland en zelfs Finland om het in Vriezenveen te verwerken tot potgrond.

Op het Historisch Museum staan nog een stikker en een oplegger en het museum heeft nog vele foto’s van het ontveningsproces.

Aan de Paterswal, richting De Pollen, bestaat nog een klein stukje hoogveen. Daar, in het veenmuseum, kunt u nog meer zien van het ontveningsproces.

Please reload

Recente berichten
Please reload

Archief
Please reload

Zoek op type
Please reload